Weblog

Waarom een tegel in het midden harder slijt en glazuur vaak blauw is

Thursday, 2 April 2026

tegels chateau chenonceau 8-2025 1770Een gebakken steen of tegel is aan de buitenkant veel harder dan aan de binnenkant, net zoals bij een gebakken brood zorgt de directe blootstelling aan de grotere hitte aan de buitenkant van de steen voor een hardere en dichtere structuur, bij een brood noemt men dat korst, bij een steen baklaag. Omdat in deze baklaag de kleideeltjes versmelten (verglazen) heeft het niet alleen een dichtere structuur, maar neemt het ook minder water op. De binnenkant van een steen, het biscuit, is vaak zachter en minder goed beschermd tegen slijtage en weersinvloeden.

 

Door het aanbrengen van een glazuurlaag, kun je de hardheid en krasbestendigheid van een steen of tegel nog verder vergroten. Door een vloeibare glaslaag, de glazuur, aan te brengen op een gebakken tegel en deze nogmaals op hoge temperatuur te bakken, creëer je een waterbestendige en krasvrije beschermlaag. Een bijkomend voordeel is dat je in deze glazuur kleuren en patronen kunt aanbrengen. De eerste geglazuurde stenen stammen uit de tijd van de oude Egyptenaren en Mesopotamiërs (ca 3000-4000 v.Chr.). De glazuur op deze eerste tegels en ook op veel latere is meestal blauw. Dit heeft meer met technische beperkingen dan met esthetische redenen te maken. De belangrijkste oorzaak hiervan is dat Kobalt (blauw) één van de weinige pigmenten is waarvan de kleur bij extreem hoge temperaturen stabiel blijft (boven de 1000°C) en dat er maar weinig van nodig is om een verzadigde kleur te geven. Rood en gele glazuur vereisen veel nauwkeurigere en stabielere temperaturen tijdens het stoken, bij kleine afwijkingen wordt de rode glazuur bruin of oranje, terwijl geel al snel flets oogt.

 

tegels chateau chenonceau 8-2025 1771Toch slijten uiteindelijk zelfs de hardste glazuurlagen, zoals bij deze eeuwenoude tegels die in Chateu Chenonceau op de houten vloeren liggen. Ze waren ooit bedekt met een luxe blauwe glazuur met rode en gele accenten, maar een ontelbaar aantal zolen heeft de tekening tot op het biscuit afgeslepen. Vlak bij de muren, waar minder werd gelopen, kun je nog iets van de oorspronkelijke praal terugzien, maar in het midden van de ruimte is de glazuur volledig verdwenen. Daar kun je nu wel goed zien dat de randen van de tegels harder zijn dan de binnenkant. De baklagen aan de zijkant van de tegels steken daar als nu kleine richels boven het zachtere biscuit uit en zorgen voor een fraai reliëf.

 

De beheerders van het kasteel hebben blijkbaar al lang geleden vrede gemaakt met deze slijtage. De vloeren zijn niet beschermd en de miljoen bezoekers die daar per jaar overheen schuren, mogen dat op eigen schoeisel doen. Aangezien onze huidige zolen heel wat harder en slijtbestendiger zijn dan de stoffen en leren zolen uit de 16e eeuw, zal het waarschijnlijk niet lang meer duren tot deze tegels tot op het hout zijn versleten.

 

Lees ook: De kamer van Catharina de’ Medici in Chateau Chenonceau, Links of rechts, op of neer, Een kwestie van tijd, Anoniem en tijd.

Wil de echte apostel opstaan?

Thursday, 2 April 2026

apostels kathedraal troyes 8-2025 2742Bartholomeus, Philippus of Mattheus, wie van de drie?

Niet alleen in Blois lijken alle heiligen verdacht veel op elkaar, ook in de kathedraal van Troyes kom je onze bekende Griekse Filosoof tegen. Weliswaar in de rol van drie andere heiligen, maar wederom met verschillende rekwisieten. Ik heb mezelf met mijn vorige bericht in de voet geschoten, sinds ik de uiterlijke gelijkenis tussen de Griekse filosofen en de Christelijke heiligen eenmaal heb gezien, kan ik er niet meer omheen. Elke keer als ik Aristoteles nu in een kerk tegenkom, voel ik me genomen. Het voelt alsof je voor het eerst een reclame doorziet, alsof je plotseling begrijpt op welke manier je wordt belazerd om een product te kopen.

 

Lees ook: Typecasting in de kerk, Aristoteles cosplay.

Polonaise- en Camouflage-bed

Thursday, 2 April 2026

bed chateau chambord 8-2025 18741874Ik spreek redelijk basaal Frans, ik kan een hotel en een maaltijd bestellen. Maar als een geboren en getogen Fransman los gaat, kan het best zijn dat ik af en toe de nuance kwijtraak. Zo dacht ik ooit, tot hilariteit van mijn perfect Frans sprekende partner, tijdens een rondleiding door een Frans kasteel te hebben begrepen dat hun “lit-Polonaise” een polonaise-bed was, in plaats van een Pools bed. Ik maakte me er gelijk allerlei voorstellingen bij.

Toch ben ik ervan overtuigd dat dit bed uit Chateu Chambord een camouflage-bed is, ongeacht hoe die Fransen dit zelf noemen. Ik durf daarnaast te zweren dat de dame (of heer) die hierin slaapt waarschijnlijk een pyjama van dezelfde stof draagt.

 

Lees ook: De kamer van Catharina de’ Medici in Chateau Chenonceau.

Parende ooievaars en het nut van hun knipvlies (Ciconia ciconia)

Tuesday, 31 March 2026

ooievaar (ciconia ciconioa) 3-2026 3117-Het gaat in Nederland goed met de ooievaars, er komen steeds meer broedplaatsen bij en rond deze tijd kun je ze al regelmatig op hun nesten zien. Ze hebben per jaar slechts één legsel met 3 tot 5 eieren en broeden in april.

 

Als ooievaars paren, dansen ze op het nest eerst een poosje om elkaar heen, waarbij ze elkaar regelmatig met de snavels aanraken. Daarna klimt het mannetje op de rug van het wijfje en pikt daarbij in de veren van haar kop en hals. Ooievaars hebben lange en scherpe snavels waarmee ze met gemak een kikker of een vis kunnen spiesen. Om hun ogen tijdens deze liefkozingen te beschermen, sluiten ze vaak hun knipvlies. Dit derde ooglid (membrana nictitans) is een doorschijnend vlies dat hun ogen beschermt en vochtig houdt zonder dat ze daarbij hun hele zicht verliezen. Op een foto lijkt het dan alsof er een lichtblauwe waas over hun ogen ligt.

ooievaar (ciconia ciconioa) 3-2026 3115ooievaar (ciconia ciconioa) 3-2026 3124ooievaar (ciconia ciconioa) 3-2026 3128ooievaar (ciconia ciconioa) 3-2026 3127Terwijl het mannetje met zijn lange poten op haar rug danst en haar met zijn tenen achter haar vleugels vasthoudt, manoeuvreert hij zich met klapperende vleugels zo in positie dat beide hun cloaca kortstondig tegen elkaar kunnen duwen waarbij het vrouwtje zijn sperma opneemt.

 

Deze ooievaars zijn bij De Beekse Bergen gefotografeerd.

 

Lees ook: Ooievaars in een weiland (Ciconia ciconia), Klepperende ooievaar (Ciconia ciconia), Irisatie bij een zwarte ooievaar (Ciconia nigra) en Waarom vogels met lange poten vaak op één poot staan.

Antropomorfisme bij gorilla’s (Gorilla gorilla)

Tuesday, 31 March 2026

gorilla (gorilla gorilla) 3-2026 3234Iedereen heeft vast wel eens gehoord van Bokito, de beroemde mannetjes gorilla waar een bezoekster in Diergaarde Blijdorp verliefd op werd. Blijkbaar is het niet ongewoon dat zoiets gebeurt, want er zijn meer voorbeelden waarbij menselijke vrouwen een emotionele band met een mannetjes gorilla ontwikkelen. In Japan in Higashiyama Zoo werd de gorilla Shabani vanwege zijn knappe uiterlijk zelfs ikemen (knappe kerel) genoemd. Hij trok veel vrouwelijke bezoekers en had online een grote schare vrouwelijke fans.

 

Veel van deze “verliefdheid” is terug te voeren op onze misconcepties over het uiterlijk en gedrag van een dier. Als mens hebben we namelijk een sterke neiging om alles naar menselijke maatstaven terug te willen brengen. We interpreteren dierlijk gedrag als menselijk en schrijven het dier daarbij emoties en gedrag toe, die het feitelijk niet heeft.

 

gorilla (gorilla gorilla) 3-2026 3235gorilla (gorilla gorilla) 3-2026 3230Zo vinden we alles met een vachtje, grote kop, grote ogen en kleine pootjes al snel lief en alles met schubben, lange nagels of stekels als snel eng. Ook als het gaat om mimiek, vergelijken we dat met menselijke gezichtsuitdrukkingen. Zo lijken hyena’s vals en gorilla’s goedhartig. Ondanks dat ik weet dat antropomorfisme een valkuil is, ontkom ik er zelf ook niet aan. Zo ook bij deze gorilla in De Beekse Bergen, ik kan maar niet besluiten of ik hem nou schuchter, timide of beschroomd vind. Het is me echter vrijwel onmogelijk om in hem een gevaar te zien. Toch denk ik niet dat het een goed idee zou zijn om naar hem toe te lopen en hem een knuffel te geven.

 

Lees ook:  De aaibaarheidsfactor, Wilde dierenknuffels, Caesar en Lucy, oogwit en antropomorfismen en Mensaap portretten.

 

Klik hier voor meer foto’s van mensapen. 

De donkerstelige stuifbal (Tulostoma melanocyclum)

Tuesday, 31 March 2026

donkerstelige stuifbal (tulostoma melanocylum) 5-2012 8310Deze kleine stuifbal heeft, hoe kan het ook anders, een donkere steel en is verder nog identificeerbaar aan de iets donkerdere ring rond de stuifopening. Er bestaan naast de donkerstelige stuifballen ook nog stelige- (Tulostoma brumale), ruwstelige- (Tulostoma fimbriatum) en gekraagde stuifballen (Tulostoma kotlabae).

 

Gesteelde bovisten, zoals deze donkerstelige stuifbal, leven op droge, stikstofarme en kalkrijke zandgrond en daar zijn er in Nederland helaas niet zoveel meer van. De stikstofcrisis raakt uiteindelijk ook de stuifballen. Ze staan nog niet op de Rode Lijst, maar nemen wel af in aantallen. Stuifballen hebben de voor de bovisten kenmerkende bolvormige sporenzak die bij hen echter bovenop een slanke steel staat. Bovenaan deze zak zit een opening waardoor de microscopisch kleine sporen worden verspreid. De zwam wordt hierin dus geholpen doordat deze opening dankzij de steel net iets hoger boven de grond staat, waardoor de wind er meer vat op krijgt. Het kleine formaat, de bol is niet veel groter dan 7 tot 11mm in doorsnede en de steel wordt niet veel langer dan 2 tot 6 cm, zorgt er samen met zijn onopvallende uiterlijk voor dat deze paddenstoel makkelijk over het hoofd wordt gezien.

 

Dit exemplaar is aan de zanderige oevers van het Leikeven bij De Moer gefotografeerd.

 

Lees ook: Plooivoetstuifzwammen en zware metalen (Calvatia excipuliformis).

 

Klik hier voor meer berichten over paddenstoelen en hier voor meer foto’s.

Sneeuw en abstractie

Tuesday, 31 March 2026

sneeuwstorm 1-2026 2586Een kleine drie maanden geleden vroor het, voor het eerst sinds jaren viel er veel sneeuw. Samen met de harde wind maakte dit het zicht soms moeilijk. Deze foto is begin januari gemaakt bij het Noorderbos, ik stond toen met mijn rug naar de wind en keek, terwijl de sneeuw langs mijn oren floot, naar de boomlijn aan de rand van een weiland. De wereld zag eruit als een verbleekte kopie, een uitvergrote korrelige foto, een volledig door sneeuw verdoezelde wereld.

 

Lees ook: Voorstelling en abstractie in landschapsfotografie, Spiegelen en spiegeling, Het oscillogram van een grauwe dag, Pareidolie in het riet en Een beuk in het water.

Zelfgemaakt mes no. 31 (Hagalaz) inclusief schede en kistje

Sunday, 29 March 2026

zgm 31 hagalaz 3-2026 3326Na het maken van Keris Hujan (ZGM no. 29) hield ik een lang en dun stuk O1-staal over, eerst dacht ik dat ooit misschien nog voor een guard te kunnen gebruiken, maar na mijn laatste dolk (Aninga ZGM no. 30) keek ik er toch anders naar.  Als ik het stuk optimaal zou benutten, zou er met wat moeite namelijk best een kleine slanke dolk uit gehaald kunnen worden.

 

In het ontwerp ben ik volledig uitgegaan van de maten en vorm van dit reststuk. De dolk bestaat uit hoeken en rechte lijnen en is een eerbetoon aan de prachtig ontworpen harnassen en wapens van de dwergen uit Peter Jackson zijn Lord of the Ring films. De enorme aandacht voor detail en het grote gevoel van authenticiteit dat daarin uit elk ontwerp spreekt, zorgt dat de dwergencultuur in de films naadloos op die uit Tolkiens boeken aansluit. Ik heb het gevoel van deze wereld gebruikt bij het ontwerpen van dit mes.

 

zgm 31 hagalaz 3-2026 3322zgm 31 hagalaz 3-2026 3327zgm 31 hagalaz 3-2026 3331zgm 31 hagalaz 3-2026 3336zgm 31 hagalaz 3-2026 3343zgm 31 hagalaz 3-2026 3355Omdat het 5 mm dikke stuk staal aan de breedste kant slechts 1,5 cm breed was en ik bij de guard de volle dikte wilde benutten, besloot ik om het lemmet extreem hol te slijpen. Ik heb geen ricasso aangebracht en het staal over de volle lengte, inclusief angel met een klein wiel concaaf geslepen. Dit zorgt ervoor dat, ondanks de extreem smalle snijvlakken, de uiteindelijk hoek van de snede klein genoeg is om toch goed te kunnen snijden en dat het lemmet vanwege de relatief dikke rug toch erg stevig blijft. Een bijkomend voordeel is dat deze extreem concave snijvlakken voor mooie reflecties zorgen, iets dat direct opvalt als je het glanzende lemmet uit de schede haalt. De punt, die onder een hoek ten opzichte van de snijvlakken staat, is wel vlak geslepen omdat deze anders te dun zou worden.

 

De guard en pommel zijn gemaakt uit messing, beide zijn ontworpen uit rechte lijnen en hoeken en met een grove schuurband afgewerkt, waardoor de lijnen van de slijprichting goed zichtbaar blijven. De uitstekende hoeken zijn daarna met wat schuurpapier iets afgerond, waardoor ze niet in de hand prikken en het messing gebruikt aandoet. Het messing is vervolgens door een procedé van regelmatig verhitten en blootstellen aan ammoniak- en zout met azijn-dampen zo geoxideerd dat het niet meer glanst en een mooi verweerd en oud uiterlijk krijgt. Door met dit procedé te spelen kun je een heel scala aan oxidatiekleuren en texturen verkrijgen, die kunnen variëren van rood en bruin tot groen en blauw. Het was wel een hele opgave om deze guard zonder ricasso passend op het lemmet te laten aansluiten aangezien ik daarvoor de concave diamantvormige doorsnede van het lemmet passend uit het messing moest vijlen. Iets dat bij de rechthoekige doorsnede van een ricasso normaal gesproken heel wat makkelijker gaat. Het handvat is van ovangkol (Guibourtia ehie), een tropisch hardhout met een verweerde grijs-zwart-bruine tekening. Het heeft een zeshoekige doorsnede en is passend gevijld tussen de naar elkaar wijzende driehoeken van de pommel en de guard. De angel loopt door tot in de pommel en alles is stevig met epoxy verlijmd en met renaissance-was afgewerkt.

 

zgm 31 hagalaz 3-2026 3345De slanke zeshoekige schede is ook uit ovangkol en heeft een binnenlaag van fluweel, waardoor het lemmet er mooi strak inpast en niet kan worden beschadigd. De boven- en onderkant zijn net als de pommel en guard van geoxideerd messing en hebben gaten waardoor een leren veter loopt. Deze veter loopt via een horizontaal gat aan de onderzijde gekruist over de voorkant langs beide zijden van de schede omhoog, gaat daar naast de mond in het messing aan de bovenkant door twee verticale gaten heen en loopt daarna aan de voorkant van de schede door een klein, voor de schede hangend messing schuifje weer naar beneden. Aan beide uiteinden hangt een gewichtje van verweerd messing. Je kunt deze veter gebruiken om er een riem doorheen te halen of om de schede aan een laars of tas te bevestigen, door te schuiven met het blokje, kun je de veter langer of korter maken. Het is een zelfbedacht systeem, dat ik nog nergens eerder heb gezien en wat hopelijk goed bij de rest van de vormgeving van deze dolk past.

 

zgm 31 hagalaz 3-2026 3344zgm 31 hagalaz 3-2026 3347zgm 31 hagalaz 3-2026 3348zgm 31 hagalaz 3-2026 3357Het blokje, waar de veter doorloopt, is net als de rest van het mes met een grove band in hoekige vlakken geslepen en krijgt daardoor een gestileerde H op de voorkant waarvan de dwarsstreep schuinstaat. Hij vormt op die manier de rune hagalaz, de Oud Futharkse rune voor de letter H. Hagalaz is Proto-Germaans voor hagel, hij staat daarmee symbool voor vernietiging en de onvoorspelbaarheid van natuurkrachten, maar ook voor de noodzaak van transformatie en innerlijke kracht. Deze Oud Futharkse runen stammen uit 200 tot 800 na christus en staan niet alleen voor bepaalde klanken maar hebben ook een symbolische waarde. Zo staat Agalaz als negende rune voor beproeving en dwingt hij tot het loslaten van het oude om ruimte te maken voor het nieuwe. In de runenmagie wordt hij gebruikt om negatieve invloeden te weren en om noodzakelijke transformaties te bewerkstelligen.

 

zgm 31 hagalaz 3-2026 3316Het bijpassende kistje is gemaakt uit eikenhouten stroken afvalhout en heeft een asymmetrisch deksel dat maar op één manier past. Het hout is met zelfgemaakt ijzerazijn (ijzeracetaat) zwart gekleurd, de lichtere streep op het deksel is van een stukje spinthout, dit bevat van nature minder tannine waardoor het minder sterk op het ijzerazijn geageert en dus ook minder donker kleurt. In het kistje ligt een plankje blank eikenhout waarop het mes tussen wat met leer beklede blokjes geklemd ligt. Het geheel is met een laag Deense olie afgewerkt. Aan de binnenkant van het deksel zit een etiket met daarop de specificaties van het mes en aan de kopse kant van het kistje zit buiten een etiket met de naam van het mes. Het hele kistje is ca 4x6x35 cm.

 

zgm 31 hagalaz 3-2026 3309zgm 31 hagalaz 3-2026 3313zgm 31 hagalaz 3-2026 3320zgm 31 hagalaz 3-2026 3321Het mes is 29,5 cm lang en heeft een lemmet van 17,3 cm. Het weegt slechts 93 gram. De schede is 20 cm lang en weegt inclusief veter en beslag 94 gram.

 

Klik hier voor meer foto’s van Hagalaz, zijn schede en zijn kistje, hier voor meer foto’s van andere zelfgemaakte messen en hier voor de berichten over deze messen.

 

Lees ook: Zelfgemaakt mes no. 30 (Aninga), Een schede en een kistje voor Aninga (ZGM no. 30) en Zelfgemaakt mes no. 29 (Keris hujan – de regenkris).

Een schede en een kistje voor Aninga (ZGM no. 30)

Sunday, 8 March 2026

zgm 30 aninga 2-2026 3077Al voordat ik aan Aninga begon, was het mijn bedoeling om een dolk met een daarbij passende schede te ontwerpen. Deze schede moest, net als het handvat, uit hout en zacht-staal worden gemaakt. Maar ik heb wel lange tijd getwijfeld aan de manier waarop deze schede aan een riem kon worden bevestigd. Uiteindelijk heb ik gekozen voor een traditioneel ontwerp met een leren bovenstuk.  

 

zgm 30 aninga 2-2026 3079zgm 30 aninga 2-2026 3080zgm 30 aninga 2-2026 3082zgm 30 aninga 2-2026 3083Als eerste heb ik uit hetzelfde blok wengé als waaruit het handvat was gehaald een mooi stuk in de lengte doorgezaagd en daarna beide helften dusdanig uitgehold dat er net voldoende ruimte voor het lemmet en een laag fluweel overbleef. Het lemmet moest daarbij precies zo strak in de schede passen dat deze niet klemde maar er ook niet meteen uit zou glijden als je hem op de kop hield. Hierdoor waren de marges bij het uithollen erg klein. Omdat fluweel aan de bovenzijde geen voelbare schering en inslag heeft, zal de punt van een mes er niet snel in blijven hangen. Het nadeel is echter wel dat de fluweeldraden aan de losgeknipte kanten door gebruik vaak wat makkelijker loskomen. Om dat te voorkomen heb ik het fluweel zo op maat geknipt dat de oorspronkelijke gestikte buitenrand precies in de mond van de schede kwam te liggen. Nadat dit fluweel in beide holtes was bevestigd, zijn beide helften zo tegen elkaar gelijmd dat de nerf weer doorliep en kon alles grof in vorm worden gevijld. De grootste uitdaging daarbij lag erin om de contouren van de schede zo dicht mogelijk bij die van het lemmet te houden. Dit betekende dat het hout op sommige plekken slechts een paar millimeter dik mocht worden.  

 

zgm 30 aninga 2-2026 3087zgm 30 aninga 2-2026 3090Omdat ik de contouren van de schede over de volle lengte in één ononderbroken lijn wilde laten doorlopen, kon ik het leren bovenstuk niet gewoon om de houten schede heen klemmen, want dan zou het bij de overgang te ver uitsteken. Ik zou het hout daarvoor dus eigenlijk op de volle dikte van het leer moeten uitvijlen, maar omdat ik sterk 3 mm dik tuigleer wilde gebruiken was het hout daar niet dik genoeg voor. Ik moest het leer dus, op de plaatsen waar het om het hout ging, eerst een flink stuk dunner maken en daarna het hout aan de bovenkant van de schede op exact dezelfde dikte uitvijlen, er goed op lettend dat ik niet een te dun stuk hout overhield en tot op het fluweel zou vijlen. Het leer heb ik, na het op maat te hebben gesneden, nat gemaakt en zo gevormd dat de leren draagriem door de spleten in het leer liep en het leer zelf strak tegen het hout aan paste. Nadat het leer was gedroogd heb ik het aan de achterkant met kruisstreken vastgezet. Omdat ik het hout van de schede onder het leer een klein beetje bol had gelaten en het leer er strak omheen had getrokken, zit het nu zonder lijm toch muurvast. Aan de bovenkant van het stuk leer steekt voor en achter een flap boven de mond van de schede uit, deze zogenaamde chappe voorkomt dat vuil en regen in de schede kan komen. Vaak zat zo'n chappe op het mes zelf, net onder de guard en over de ricasso, zodat hij, als het mes in de schede zit, precies over de mond van de schede past. Maar er zijn ook veel traditionele ontwerpen waarbij deze chappe, net als in dit geval, op de mond van de schede zelf is gemonteerd.  

 

zgm 30 aninga 2-2026 3070Om in de stijl van het mes te blijven, wilde ik graag een stalen punt, een zogenaamde chape, aan de onderkant van de schede. Meestal wordt deze uit een gebogen en gesoldeerd stuk staal over het hout heen bevestigd, maar dat zou wederom de doorlopende contouren van de schede doorbreken. Daarnaast wilde ik ook niet dat je kon zien dat de chape uit een dun plaatje staal was gemaakt. Uiteindelijk besloot ik om deze chape uit één massief stuk zacht staal te maken. Omdat de punt van het lemmet binnen de schede tot in de chape moest doorlopen, moest ik dit staal dus niet alleen precies op maat vijlen, maar ook zo zien uit te hollen dat de punt van het mes samen met de fluwelen binnenlaag en voldoende dikte van het hout nog daarin zou passen. Verder moest het hout zo in vorm worden gevijld dat de hoek van de stalen chape naadloos tegen het hout aan kwam te liggen en alle lijnen netjes door zouden lopen. Dit continue passen, meten en bijvijlen kostte veel meer tijd dan ik had gehoopt, maar kwam de uiteindelijke uitstraling van de schede wel enorm ten goede. Nadat de chape strak om het hout was gelijmd, kon ik eindelijk alles bijvijlen en gladschuren, waarbij ik er goed op moest letten dat ik niet te diep in het zachtere hout schuurde en daarmee de contouren zou verpestten. De schede heeft, net als het mes, over de volle lengte in het midden een geknikte rug en is met een laag renaissance-was afgewerkt. 

 

De woorden chappe en chape stammen beide af van het Latijnse cappa (kap of cape) wat is afgeleid van caput (hoofd). De schede is 26,5 cm lang en weegt 82 gram. Als het mes in de schede zit is het geheel 37,5 cm lang en weegt het 327 gram. 

 

zgm 30 aninga 2-2026 3072zgm 30 aninga 2-2026 3069zgm 30 aninga 2-2026 3074zgm 30 aninga 2-2026 3075Het kistje is gemaakt van zaagafval, resthout dat overbleef van het op breedte zagen van dikke eikenhouten planken. Deze losse stukken hout zijn op maat gezaagd, tegen elkaar gelijmd, op gelijke dikte geschaafd en daarna als kistje in elkaar gelijmd. Dit kistje heeft een binnenlaag van hardhout-triplex. Binnenin ligt een los triplex frame waarin het mes op strookjes tuigleer rust en dat je uit het kistje kunt halen. Het geheel is afgewerkt met Deense olie. Aan de binnenkant van het deksel zit een etiket met de specificaties van het mes en aan de kopse kant buiten een klein etiket met zijn naam. Het hele kistje meet 12,5 bij 6,25 bij 42,5 cm. 

 

Klik hier voor het bericht over Aninga, hier voor meer foto’s van dit mes, hier voor meer berichten over andere messen en hier voor meer foto's van andere zelfgemaakte messen.

Grote zilverreiger in de sneeuw (Ardea alba)

Saturday, 10 January 2026

grote zilverreiger (Ardea alba) 1-2026 2579Een grote zilverreiger is een imposante verschijning. Met zijn witte verenkleed en spanwijdte van 1,7 meter kijk je normaal gesproken niet zomaar over hem heen, behalve als hij in de sneeuw staat. Reigers zijn sowieso al meesters in onbeweeglijk stilstaan, maar een rustende zilverreiger wordt in een sneeuwlandschap vrijwel onzichtbaar, alleen zijn zwarte poten en oranje snavel vallen dan nog op.

 

Deze zilverreiger vloog bij het Tilburgse Noorderbos over een weiland, hij leek geen last te hebben van de harde wind en landde geruisloos midden in het veld in de sneeuw. Daar bleef hij even roerloos staan, tot hij mij in de gaten kreeg en opvloog naar een boom. Terwijl de sneeuw om hem heen joeg, balanceerde hij ongenaakbaar op een tak. Hoewel ik met muts en shawl op moeite moest doen om in de harde wind mijn camera recht te houden, keek hij ongestoord om zich heen. Heer en meester van zijn omgeving, stil en onzichtbaar als een geest en net zo onaantastbaar voor de elementen.

 

grote zilverreiger (Ardea alba) 1-2026 2547grote zilverreiger (Ardea alba) 1-2026 2574De waarnemingen van deze oorspronkelijk mediterrane vogels worden in ons kleine kikkerlandje steeds normaler. Sinds ze hier in 1978 voor het eerst broedden, overwinteren ze hier steeds vaker. De grootste populaties vind je nu nog in de Oostvaardersplassen, maar ik kom ze ook in de polders en weilanden van Noord Brabant regelmatig tegen.

 

Lees ook: Waarom vogels met lange poten vaak op één poot staan, Dode reiger en Vliegende reigers (Ardea cinerea).