Weblog

Blikken tongetjes

Sunday, 17 March 2013

Ik moest er laatst aan denken. Als je uit het water kwam, met je schouders opgetrokken, liep je met stijve benen naar je handdoek, een kleurig eiland van warmte. Je ging snel op je buik liggen met beide armen onder je. Meestal was het te druk of kwam je net te laat. Dan lag je aan de verkeerde kant van het veld, in de schaduw van de hoge bomen en struiken die het zwembad van de weg afscheidde. Als je geluk had, lag je uit de wind en in de zon, dan was je zo weer warm. Als je je dan omdraaide kwam je droge rug op de koele vochtige vlek die je natte lichaam op de handdoek had achtergelaten. Met je ogen dicht keek je omhoog, naar de kleuren achter je oogleden. Af en toe kwam er een wolk voorbij en voelde je de temperatuur zakken. Als de schaduw voorbij was leek het alsof de wereld opzwol. Met stijf dichtgeknepen ogen vulde het warme licht je hoofd. Pas als je helemaal was opgedroogd en de warmte begon te branden, draaide je je weer om. De kleuren achter je ogen bleven, ook als je ze opende. Het duurde even voor je weer goed kon zien.

 

Als je naar het water liep was je op je hoede. Terwijl je jezelf tussen ontelbare eilandjes door manoeuvreerde keek je goed op de grond. Want als je niet uitkeek trapte je in iets scherps. Zo was ik een keer bijna de kleine teen van mijn linkervoet kwijtgeraakt. Na een korte scherpe pijn, bijna alsof iemand me kietelde, zakte ik door mijn benen. Pas toen ik zat en merkte dat ik mijn voet vasthield kwamen de pijn en het bloed.

 

Van mijn ouders kregen we altijd wat te snoepen en wat zakgeld mee. In een klein kraampje kon je daar een ijsje of een koud blikje fris voor kopen. Als je dat blikje opentrok, spatte de koude druppels als het vuur van een sterretje tegen je handen omhoog. Het lipje gooide je weg. Hoewel we wisten dat dat gevaarlijk was deden we het toch. Soms speelden we er eerst nog mee. Je kon het scherpe druppelvormige stukje blik van het ringetje breken. Omdat daar twee kleine gleufjes inzaten, kon je het lipje daar insteken en door het naar achter te trekken het ringetje als een klein draaiend ruimteschip wegschieten. Als je het goed deed haalde je daar soms wel zes meter mee en als je heel goed mikte misschien zelfs wel één van de meisjes op het volgende eiland.

 

Het zwembad lag bezaaid met deze blinkende scheermesjes. Voor de ringetjes hoefde je niet bang te zijn, veel meisjes droegen die als een trofee aan hun vinger. Het waren de kleine blikken tongetjes die zo gevaarlijk waren, verstopt tussen het gras waren ze moeilijk te zien. Ik kan me niet herinneren dat we er een naam voor hadden maar iedereen wist wat het was. Later werden ze vervangen door lipjes die je in het blikje moest drukken. In plaats van je tenen waren nu je vingers in gevaar. Tegenwoordig gebruiken we kleine hefboompjes. Het lipje blijft nu aan het blikje en je kunt je niet meer snijden. Tot ver in de jaren zeventig waren de treklipjes echter immens populair, het is een raar idee dat mijn zoontje nooit zo’n ringetje zal wegschieten of het gevoel van overwinning zal kennen als een meisje dat ringetje aan haar vinger draagt.

 

Lees ook: Twijfels in het donker en De geur van mijn vader.

Cave idus Martias

Friday, 15 March 2013

Het is vandaag de 15e maart. 2057 Jaar geleden werd Julius Caesar vermoord. En hij was nog wel gewaarschuwd.

 

De romeinen telden de dagen van de maand niet, zoals wij dat nu doen, van de eerste tot de laatste dag van de maand. Zij telden terug van drie vaste punten in een maand. Het midden van een maand werd Ides genoemd. Caesar was door de waarzegger Spurinna gewaarschuwd dat hem kwaad zou worden berokkend voor de tweede helft van de maand. Terwijl Caesar naar het Theater van Pompeï liep, kwam hij langs deze waarzegger en grapte hij dat de Ides van maart was gekomen, daarmee zinspelend dat de voorspelling niet was uitgekomen. De waarzegger antwoorden met: Ja, maar ze is nog niet voorbij. Dezelfde dag werd Caesar door 60 verraders, aangevoerd door zijn eigen zoon Brutus, neergestoken.

 

Shakespeare nam deze waarschuwing van Spurinna in zijn toneelstuk Julius Caesar over en sindsdien is de waarschuwing: “beware the ides of March” een gevleugelde uitspraak.

 

Julius Caesar Acte 1, scene 2, 15-19

 

Caesar:

Who is it in the press that calls on me?

I hear a tongue shriller than all the music.

Cry “Caesar!” Speak, Caesar is turn’d to hear.

 

Soothsayer:

Beware the ides of March.

 

Caesar:

What man is that?

 

Brutus:

A soothsayer bids you beware the ides of March.

Caput mortuum

Wednesday, 13 March 2013

Bij veel producten is het verplicht dat wat er op de verpakking staat er ook in moet zitten. Blijkbaar geldt dat niet voor verf. Een verfkleur verkreeg zijn naam van het ingrediënt waar hij de kleur aan ontleende. Zelfs als dat ingrediënt er al lang niet meer in zit, draagt de kleur daarna nog steeds die naam. Zo komt het dat ik in mijn schilderkist ivoorzwart heb waar al lang geen verbrand ivoor meer in zit. Ik heb loodwit zonder lood, cadmiumrood zonder cadmium en kardinaalpaars zonder mummies.

 

PERUKardinaalpaars heette vroeger caput mortuum of mummiebruin. Caput mortuum betekend letterlijk waardeloos overblijfsel. In de 16e en 17e eeuw werd dit mooie paarsbruine pigment veel door kunstschilders gebruikt. Toen men er zich in de 19e eeuw van bewust werd dat dit pigment van vermalen mummies werd gemaakt verloor het langzaam zijn aantrekkingskracht. Omdat men dit pigment in schilderijen veel voor de toga’s van religieuze personages zoals kardinalen gebruikte is de kleur bekend gebleven als kardinaalpaars.

 

Lees ook: Isabellawit, Violet en Rood of Blauw.

Een donkerbruin vermoeden

Tuesday, 12 March 2013

Vermoedens hebben soms een kleur. Sommige vermoedens zijn donkerbruin. Vooral als je het zwart inziet. Deze bruine kleur verwijst niet naar een latent racisme maar heeft meer te maken met de omschrijving van een meteorologische toestand. In zeemanstaal betekende bruin weer vroeger zwaar weer. Het bruine zwerk of bruine wolken waren uitdrukkingen voor naderend onweer. Bruin kreeg daarna langzaam de betekenis van onheilspellend en hoewel vrijwel niemand deze uitdrukking nog op het weer toepast, gebruikt men ze nu bij vermoedens. Een donkerbruin vermoeden kan dan net zo dreigend aan de horizon staan als een bruine wolk of bruin weer.

Slakken

Saturday, 9 March 2013

slakken 3-2013

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Klik hier voor meer foto's van slakken.

Violet

Saturday, 9 March 2013

hyacinthknoppen (hyacinthus orientalis) 3-2013 4323hyacinthknoppen (hyacinthus orientalis) 3-2013 4329

 

 

 

 

 

 

 

De afgebroken hyacinthknoppen die ik enkele dagen geleden had gefotografeerd hebben alsnog de kleur van de volgroeide bloem gekregen. Blijkbaar is dit een effect dat niet door de sapstroom van de plant wordt aangestuurd maar dat zelfstandig binnen de bloemknop plaatsvindt. Ze zijn van zacht groenblauw naar diep blauwpaars verkleurd.

 

Het is vaak lastig om een specifieke kleur te benoemen. Tussen blauw en rood liggen achtereenvolgend indigo, violet, paars en karmozijn. Hyacinten worden vaak als paars omschreven maar feitelijk zijn ze aanzienlijk blauwer, meer violet. Violet is minder intens en minder helder dan paars. Het is een echte, spectrale kleur die door Isaac Newton in 1672 is geïdentificeerd. Paars daarentegen is een mengkleur, en heeft geen eigen golflengte. Dit verschil tussen paars en violet wordt het duidelijkst als de kleuren onder fel licht worden bekeken. Spectrale kleuren lijken dankzij een psychofysisch effect dan blauwer of geler. Violet lijkt, omdat het dichter bij het blauwe spectrum ligt, dan ineens een stuk blauwer. Paars als mengkleur daarentegen lijkt onder fel licht niet van tint te veranderen. Dit ogenschijnlijk veranderen van kleur noemt men de Bezold-Brücke verschuiving.

 

Het woord violet stamt af van “violette”, het Franse woord voor het blauwpaarse viooltje. Dit woord zelf is weer ontleent aan het Latijnse “viola” voor dezelfde bloem.

 

Lees ook: Isabellawit en Rood of Blauw.

Sanshô dayû (1954)

Friday, 8 March 2013

sansho dayuHet Japanse verhaal van Sanshô de opzichter is al eeuwen oud. Het gaat over de waarde en prijs van een moreel leven. Een belangrijke familie leert dat zij ondanks hun goede wil geen tot weinig controle over hun eigen levens hebben en ze vallen langzaam uit elkaar. Een gouverneur verliest vanwege zijn compassie zijn functie en wordt verbannen. Als zijn vrouw en kinderen zich bij hem willen voegen worden ze echter door bandieten gescheiden. Beide kinderen worden als slaaf aan de harde en egocentrische opzichter Sanshô verkocht en de moeder wordt in een andere stad tot prostitutie gedwongen. De film volgt beide kinderen in hun pogingen om zich weer met hun ouders te herenigen en laat zien hoe ze met de morele levenslessen van hun vader worstelen.

 

sansho dayu sceneMizoguchi heeft in 1954 met Sanshô dayû één van de betere Japanse boekverfilmingen van de laatste 50 jaar afgeleverd. De cinematografie heeft een bijna literaire schoonheid. Elke scene is op een evenwichtige manier opgebouwd en Mizoguchi maakt bij het vertellen van het verhaal goed gebruik van lege ruimtes en contrasten. Net als bij veel Japanse prenten uit de Edo periode benut hij een subtiel atmosferisch perspectief om een gevoel van ruimtelijke en emotionele diepte te creëren. Regelmatig plaatst hij een donker object op de voorgrond en laat hij de actie op de achtergrond plaatsvinden. Op deze manier wordt de omgeving waarbinnen het verhaal wordt verteld letterlijk het referentiekader voor de emotie. Ook is hij sterk in het verbeelden van actiescènes. De camera volgt op een bijna hedendaagse manier de personen en de film krijgt hierdoor niet alleen meer vaart maar ook een gevoel van dwang en noodzaak. Emotioneel en visueel is Sanshô dayû weliswaar minder vernieuwend dan Suna no onna, maar het blijft toch een meesterwerk van de Japanse cinematografie. Ik vind Sanshô dayû zelfs beter dan Mizoguchi’s beroemdere Ugetsu monogatari uit 1953. Sanshô dayû is in Amerika uitgebracht als Sansho the bailiff.

 

Lees ook: Suna no onna.

Hyacinth knoppen

Monday, 4 March 2013

hyacinthknop (hyacinthus orientalis) 3-2013 4288De prachtige vormen en kleurstelling van deze kleine tere bloemknoppen maken van elk los knopje een miniatuur kunstwerk. De hele natuur gevangen in één kleine tijdelijke vorm. Omdat ze als knopjes nog strak tegen elkaar gedrukt in de omhullende schutbladen van de bloem zitten hebben ze allemaal een net iets andere vorm. Naarmate ze groeien perst de bloemschacht zich omhoog en schieten de knopjes open. Daarbij zijn ze eerst nog een zacht groen maar al snel verlopen ze naar helder blauw en paars totdat de knoppen opensplijten en de felle paarse bloemen tevoorschijn komen.

 

Klik hier voor meer foto’s van hyacintknoppen.

Stupor Mundi

Monday, 4 March 2013

stupor mundiAl in zijn eigen tijd stond keizer Frederik II van Hohenstaufen (1194-1250) bekend als “Stupor Mundi” (verbazing der wereld). Begonnen als koning van Sicilië wist hij het via het Duitse koningschap als niet-christen zelfs tot keizer van het Heilige Roomse Rijk te schoppen. Geen geringe prestatie. Daarnaast interesseerde hij zich meer voor wetenschap, filosofie en valkenjacht dan voor religie en krijgsmacht en onderhield hij een levendige correspondentie met een Egyptische sultan.

 

Frederik II was buitengewoon belezen, hij sprak zes talen en maakte liever gebruik van diplomatie dan geweld. Hij had echter één zwakte, zijn interesse in taal en wetenschap. Hij omringde zich niet alleen met allerlei wetenschappers maar hield zelf ook wel van een experimentje. Sommige van zijn onderzoeken zijn opgetekend door de monnik Salimbene di Adam (1221-1290) die, het moet gezegd, een hekel had aan Frederik. Zijn boekwerk, “XII scelera Friderici imperatoris” (de twaalf calamiteiten van keizer Frederik II), is helaas verloren gegaan maar de geste van dit verslag is gebleven.

 

Volgens di Adam heeft Frederik II ooit een gevangene in een ton opgesloten om te kijken of diens ziel wellicht door een gat wist te ontsnappen als hij stierf. Toen Frederik II zich afvroeg wat na een overvloedig maal nu toch het beste voor de spijsvertering was, een dutje of een stevige wandeling, voerde hij twee soldaten een vorstelijk banket. De een mocht daarna een uiltje knappen de ander werd aan het lopen gezet. Beiden werden achteraf natuurlijk wel opengesneden om hun maaginhoud te controleren. Alles voor de wetenschap. Maar meer nog dan in spijsvertering was Frederik II geïnteresseerd in taal. En dan specifiek in het bestaan van een oertaal. Zoals zovelen voor en na hem vroeg Frederik II zich af welke taal een mens zou spreken als er geen anderen in de buurt zijn om hem woorden te geven. Hij liet pasgeborenen bij hun moeders weghalen en droeg ze over aan speciale verzorgsters. Deze kregen strikte opdracht om geen woord tegen hun jonge proefpersonen te spreken. Gezien Frederik zijn vroegere experimenten mogen we aannemen dat deze zoogvrouwen hun taak zeer serieus hebben genomen. Helaas voor Frederik (en de kinderen) stierven ze zonder ooit een woord te hebben gesproken.

 

Frederik II van Hohenstaufen was niet alleen een begenadigd heerser en onderzoeker, hij was bovenal een empiricus. Hij vond dat je alleen kon leren hoe iets werkte door het kapot te maken. Een intellectueel dogma dat tot op de dag van vandaag nog door veel kleine kinderen (en sommige wetenschappers) wordt nageleefd.

Volva volva

Saturday, 2 March 2013

weverspoel (volva volva) 3-2013 4107Deze schelp staat ook bekend als Weverspoel. Het is net als Ovula ovum een eierkaurie. Hij heeft een lange smalle mondopening met een verdikte lip en lange breekbare uiteinden. De schelpen komen voor van Oost-Afrika tot aan Taiwan en leven op koraal. Ze hebben geen operculum en de gevlekte en gespikkelde mantel omvat de gehele schelp inclusief de lange uitsteeksels. Ze worden 10 tot 12cm lang en komen voor in wit, lichtroze of geel.