Weblog

Pavel Jerdanowitch

Friday, 22 March 2013

exaltation pavel jerdanowitchToen Pavel Jerdanowitch in 1925 zijn schilderij “Exaltation” bij de New York’s Exhibition of the Indepandants tentoonstelde, zorgde hij voor een kleine sensatie. De critici waren het er over eens dat het hier om een meesterwerk ging en sommigen vergeleken Pavels kinderlijke expressionisme en gekwelde beeldtaal zelfs met die van Gauguin. Pavel werd al snel één van de meest genoemde namen in de kunstwereld. Nadat enkele prestigieuze kunsttijdschriften het publiek van uitgebreide achtergrondinformatie over dit nieuwe wonderkind hadden voorzien én bleek dat Pavel de oprichter van een nieuwe kunststroming en school was (de Disrumbrationist school of art), kon zijn carrière niet meer stuk. Op korte termijn kwam steeds meer werk van hem beschikbaar en de schilderijen Illumination, Aspiration, Gination en Adoration vonden wederom hun weg naar het hart van de critici en de musea.

 

pavel jerdanowitch-paul jordan-smithTot in 1927 Paul Jordan-Smith aan The Los Angelos Times opbiechtte dat hij de bejubelde Pavel Jerdanowitch was. Wat was begonnen als een wrange grap, eindigde in de vernedering van de kaste der kunstcritici. Paul zijn vrouw was wel schilderes. Haar realistische werk werd echter door de critici afgebrand. Paul Jordan-Smith riep zijn alter ego Pavel Jerdanowitch in het leven om deze vernedering te wreken. Hij flanste een schilderijtje in elkaar, noemde het Exaltation (yes, we have no bananas) en voorzag het geheel van een gejaagd kunstenaarsprofiel met bijbehorende foto. De critici slikten het als zoete koek. Omdat zij nog steeds niet goed wisten hoe ze met de moderne kunststromingen om moesten gaan, namen ze maar liever geen risico. Ze verhieven waardeloze gekrabbel tot kunst, enkel en alleen omdat het abstract was en dus wel vernieuwend moest zijn. Een fout die helaas nog steeds veel wordt gemaakt. Toen Paul Jordan-Smith zijn verhaal op de voorpagina van de krant deed, was zijn kritiek op de kunstcritici dan ook niet van de lucht.

Skyfall (2012)

Thursday, 21 March 2013

skyfall poster 2012Als je de media mocht geloven is Skyfall de beste Bond film ooit. Hoe harder de media orakelde hoe goed deze film wel niet was, des te meer bezoekers er kwamen kijken. Het roffelen van de trom kostte wat, maar dat verdienen ze er blijkbaar dubbel en dwars weer aan terug.

 

Skyfall is echter niet beste Bondfilm ooit, not by far. Er is niks mis met de regie of de inzet van de acteurs, het is een echte “no expense spared movie”. Het probleem van Skyfall is dat men de kijker voor vanzelfsprekend is gaan nemen. Om er voor te zorgen dat de film nog meer opbrengt heeft Hollywood het recept teruggebracht tot zijn losse ingrediënten. Je kunt de producers bijna horen tellen, zoveel minuten actie, zoveel minuten dialoog, beetje humor, wat geweld, etc etc. Het komt echter niet tot muziek en dat is volledig de schuld van Neal Purvis en Robert Wade. Deze gelauwerde scenaristen hebben er dit keer een potje van gemaakt. Maar, zolang je maar niet al te kritisch proeft, ziet wat er op je bordje ligt er wel smakelijk uit. Skyfall is een allegaartje van mooie ingrediënten die bij elkaar geen goed gerecht maken. De verschillende fragmenten van de film passen gewoonweg niet bij elkaar en de scenaristen hebben te weinig gedaan om ze met elkaar te verbinden.

 

Sam Mendes blijft echter een bekwame regisseur. Terecht beloond met een Oscar voor het prachtige American beauty, laat hij zien dat hij nog steeds vakwerk kan afleveren. Skyfall ziet er prachtig uit en er gebeurt meer dan genoeg om je aandacht van de gaten in het script af te houden. De meeste mensen zullen het rucksichtslos slikken.

 

Ik vind Daniel Craig één van de betere zo niet de beste James Bond uit het 50 jarige pantheon van Mi6 agenten. Craig was de eerste Bond die er uit zag alsof hij ook daadwerkelijk alles kon uitvoeren wat het script hem liet doen. Het verfrissende Casino royale uit 2006 was van begin tot eind echter stukken beter dan Skyfall. Alleen al de titelsong en de begintitels van Casino royale waren interessanter dan het irritante songfestival melodietje van Adele. De antagonisten waren geloofwaardiger, het script was intelligenter en de emoties liepen dieper. Zelfs het einde was stukken beter dan de lauwe Home alone rip off van Skyfall. Deze 23e Bond film is buitengewoon vermakelijk, het is echter niet de culminatie van 50 jaar filmgeschiedenis.

Kietelen

Tuesday, 19 March 2013

Ik kan heel goed tegen kietelen, mijn partner en zoontje daarentegen niet. Zij kunnen zelfs zo slecht tegen kietelen dat als ik alleen al met een grijns op mijn gezicht bij hen in de buurt kom, ze al gaan lachen. Pavlov ten top. Het rare is dat ik wel heel goed tegen stevig kietelen kan, maar helemaal gek wordt van het wasmerkje van mijn trui. Door dat irritante zachte gekietel lopen de rillingen over mijn rug, ik moet er echter nooit door lachen. Maar ook als ik naar een natuurdocumentaire over mieren, luizen, vlooien, spinnen of pissebedden kijk, voel ik dat gekriebel over mijn lijf, het is dan bijna onmogelijk om niet te gaan krabbelen. En wat blijkt, dat gekrabbel is besmettelijk. Als er iemand naast je zit te krabbelen doe je vanzelf mee. Misschien stamt dat nog uit de tijd dat we elkaar vlooiden, maar net als geeuwen is krabbelen zo besmettelijk als de neten.

 

Als ik mezelf zachtjes kietel kan ik wel rillingen en een krabrespons oproepen maar mezelf aan het lachen kietelen is me nog nooit gelukt. Iemand met stevig kietelen aan het lachen maken kan blijkbaar alleen bij een ander. En net als bij elke marteling zit die magie niet in het toebrengen van pijn of genot maar in de macht om het te stoppen.

 

Lees ook: Blozen.

Carbonpapier

Monday, 18 March 2013

titan carbon paper 3-2012 4553Toen we nog op typmachines werkten, hadden we allemaal wel wat velletjes carbonpapier in huis. Met dat zwarte knisperende blaadje doorslagpapier achter je brief kon je direct een kopie maken. Als je zoals ik een stevige aanslag had soms zelfs wel vijf kopieën tegelijk. Nu alle typmachines naar de rommelmarkt of zolder zijn verhuisd, gebruikt vrijwel niemand dit carbonpapier nog. Toch is het een fantastische uitvinding, en niet alleen voor brieven. Ik gebruik het vooral om snel en makkelijk een schets of tekening op een andere ondergrond over te brengen. Carbonpapier wordt om dezelfde reden nog steeds door veel pottenbakkers, tatoeëerders en kunstenaars gebruikt.

 

Dit oude pak Titan carbonpapier is van de Columbia Ribbon & Carbon Mfg. Co. Ltd. Dit Engelse bedrijf bestaat nog steeds en hun patent op een vernieuwd productieproces voor carbonpapier stamt al uit 1944.

 

Momenteel klinkt de tijd van typmachines en carbonpapier nog door in e-mails. Als je daarin iemand cc zet, krijgt buiten de ontvanger nog iemand een kopie, cc staat dan ook letterlijk voor carbon copy. Bcc staat voor blind carbon copy, de geadresseerde weet dan niet dat iemand anders een blinde kopie heeft gekregen.

 

Lees ook: Punaises.

Blikken tongetjes

Sunday, 17 March 2013

Ik moest er laatst aan denken. Als je uit het water kwam, met je schouders opgetrokken, liep je met stijve benen naar je handdoek, een kleurig eiland van warmte. Je ging snel op je buik liggen met beide armen onder je. Meestal was het te druk of kwam je net te laat. Dan lag je aan de verkeerde kant van het veld, in de schaduw van de hoge bomen en struiken die het zwembad van de weg afscheidde. Als je geluk had, lag je uit de wind en in de zon, dan was je zo weer warm. Als je je dan omdraaide kwam je droge rug op de koele vochtige vlek die je natte lichaam op de handdoek had achtergelaten. Met je ogen dicht keek je omhoog, naar de kleuren achter je oogleden. Af en toe kwam er een wolk voorbij en voelde je de temperatuur zakken. Als de schaduw voorbij was leek het alsof de wereld opzwol. Met stijf dichtgeknepen ogen vulde het warme licht je hoofd. Pas als je helemaal was opgedroogd en de warmte begon te branden, draaide je je weer om. De kleuren achter je ogen bleven, ook als je ze opende. Het duurde even voor je weer goed kon zien.

 

Als je naar het water liep was je op je hoede. Terwijl je jezelf tussen ontelbare eilandjes door manoeuvreerde keek je goed op de grond. Want als je niet uitkeek trapte je in iets scherps. Zo was ik een keer bijna de kleine teen van mijn linkervoet kwijtgeraakt. Na een korte scherpe pijn, bijna alsof iemand me kietelde, zakte ik door mijn benen. Pas toen ik zat en merkte dat ik mijn voet vasthield kwamen de pijn en het bloed.

 

Van mijn ouders kregen we altijd wat te snoepen en wat zakgeld mee. In een klein kraampje kon je daar een ijsje of een koud blikje fris voor kopen. Als je dat blikje opentrok, spatte de koude druppels als het vuur van een sterretje tegen je handen omhoog. Het lipje gooide je weg. Hoewel we wisten dat dat gevaarlijk was deden we het toch. Soms speelden we er eerst nog mee. Je kon het scherpe druppelvormige stukje blik van het ringetje breken. Omdat daar twee kleine gleufjes inzaten, kon je het lipje daar insteken en door het naar achter te trekken het ringetje als een klein draaiend ruimteschip wegschieten. Als je het goed deed haalde je daar soms wel zes meter mee en als je heel goed mikte misschien zelfs wel één van de meisjes op het volgende eiland.

 

Het zwembad lag bezaaid met deze blinkende scheermesjes. Voor de ringetjes hoefde je niet bang te zijn, veel meisjes droegen die als een trofee aan hun vinger. Het waren de kleine blikken tongetjes die zo gevaarlijk waren, verstopt tussen het gras waren ze moeilijk te zien. Ik kan me niet herinneren dat we er een naam voor hadden maar iedereen wist wat het was. Later werden ze vervangen door lipjes die je in het blikje moest drukken. In plaats van je tenen waren nu je vingers in gevaar. Tegenwoordig gebruiken we kleine hefboompjes. Het lipje blijft nu aan het blikje en je kunt je niet meer snijden. Tot ver in de jaren zeventig waren de treklipjes echter immens populair, het is een raar idee dat mijn zoontje nooit zo’n ringetje zal wegschieten of het gevoel van overwinning zal kennen als een meisje dat ringetje aan haar vinger draagt.

 

Lees ook: Twijfels in het donker en De geur van mijn vader.

Cave idus Martias

Friday, 15 March 2013

Het is vandaag de 15e maart. 2057 Jaar geleden werd Julius Caesar vermoord. En hij was nog wel gewaarschuwd.

 

De romeinen telden de dagen van de maand niet, zoals wij dat nu doen, van de eerste tot de laatste dag van de maand. Zij telden terug van drie vaste punten in een maand. Het midden van een maand werd Ides genoemd. Caesar was door de waarzegger Spurinna gewaarschuwd dat hem kwaad zou worden berokkend voor de tweede helft van de maand. Terwijl Caesar naar het Theater van Pompeï liep, kwam hij langs deze waarzegger en grapte hij dat de Ides van maart was gekomen, daarmee zinspelend dat de voorspelling niet was uitgekomen. De waarzegger antwoorden met: Ja, maar ze is nog niet voorbij. Dezelfde dag werd Caesar door 60 verraders, aangevoerd door zijn eigen zoon Brutus, neergestoken.

 

Shakespeare nam deze waarschuwing van Spurinna in zijn toneelstuk Julius Caesar over en sindsdien is de waarschuwing: “beware the ides of March” een gevleugelde uitspraak.

 

Julius Caesar Acte 1, scene 2, 15-19

 

Caesar:

Who is it in the press that calls on me?

I hear a tongue shriller than all the music.

Cry “Caesar!” Speak, Caesar is turn’d to hear.

 

Soothsayer:

Beware the ides of March.

 

Caesar:

What man is that?

 

Brutus:

A soothsayer bids you beware the ides of March.

Caput mortuum

Wednesday, 13 March 2013

Bij veel producten is het verplicht dat wat er op de verpakking staat er ook in moet zitten. Blijkbaar geldt dat niet voor verf. Een verfkleur verkreeg zijn naam van het ingrediënt waar hij de kleur aan ontleende. Zelfs als dat ingrediënt er al lang niet meer in zit, draagt de kleur daarna nog steeds die naam. Zo komt het dat ik in mijn schilderkist ivoorzwart heb waar al lang geen verbrand ivoor meer in zit. Ik heb loodwit zonder lood, cadmiumrood zonder cadmium en kardinaalpaars zonder mummies.

 

PERUKardinaalpaars heette vroeger caput mortuum of mummiebruin. Caput mortuum betekend letterlijk waardeloos overblijfsel. In de 16e en 17e eeuw werd dit mooie paarsbruine pigment veel door kunstschilders gebruikt. Toen men er zich in de 19e eeuw van bewust werd dat dit pigment van vermalen mummies werd gemaakt verloor het langzaam zijn aantrekkingskracht. Omdat men dit pigment in schilderijen veel voor de toga’s van religieuze personages zoals kardinalen gebruikte is de kleur bekend gebleven als kardinaalpaars.

 

Lees ook: Isabellawit, Violet en Rood of Blauw.

Een donkerbruin vermoeden

Tuesday, 12 March 2013

Vermoedens hebben soms een kleur. Sommige vermoedens zijn donkerbruin. Vooral als je het zwart inziet. Deze bruine kleur verwijst niet naar een latent racisme maar heeft meer te maken met de omschrijving van een meteorologische toestand. In zeemanstaal betekende bruin weer vroeger zwaar weer. Het bruine zwerk of bruine wolken waren uitdrukkingen voor naderend onweer. Bruin kreeg daarna langzaam de betekenis van onheilspellend en hoewel vrijwel niemand deze uitdrukking nog op het weer toepast, gebruikt men ze nu bij vermoedens. Een donkerbruin vermoeden kan dan net zo dreigend aan de horizon staan als een bruine wolk of bruin weer.

Slakken

Saturday, 9 March 2013

slakken 3-2013

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Klik hier voor meer foto's van slakken.

Violet

Saturday, 9 March 2013

hyacinthknoppen (hyacinthus orientalis) 3-2013 4323hyacinthknoppen (hyacinthus orientalis) 3-2013 4329

 

 

 

 

 

 

 

De afgebroken hyacinthknoppen die ik enkele dagen geleden had gefotografeerd hebben alsnog de kleur van de volgroeide bloem gekregen. Blijkbaar is dit een effect dat niet door de sapstroom van de plant wordt aangestuurd maar dat zelfstandig binnen de bloemknop plaatsvindt. Ze zijn van zacht groenblauw naar diep blauwpaars verkleurd.

 

Het is vaak lastig om een specifieke kleur te benoemen. Tussen blauw en rood liggen achtereenvolgend indigo, violet, paars en karmozijn. Hyacinten worden vaak als paars omschreven maar feitelijk zijn ze aanzienlijk blauwer, meer violet. Violet is minder intens en minder helder dan paars. Het is een echte, spectrale kleur die door Isaac Newton in 1672 is geïdentificeerd. Paars daarentegen is een mengkleur, en heeft geen eigen golflengte. Dit verschil tussen paars en violet wordt het duidelijkst als de kleuren onder fel licht worden bekeken. Spectrale kleuren lijken dankzij een psychofysisch effect dan blauwer of geler. Violet lijkt, omdat het dichter bij het blauwe spectrum ligt, dan ineens een stuk blauwer. Paars als mengkleur daarentegen lijkt onder fel licht niet van tint te veranderen. Dit ogenschijnlijk veranderen van kleur noemt men de Bezold-Brücke verschuiving.

 

Het woord violet stamt af van “violette”, het Franse woord voor het blauwpaarse viooltje. Dit woord zelf is weer ontleent aan het Latijnse “viola” voor dezelfde bloem.

 

Lees ook: Isabellawit en Rood of Blauw.