Weblog

Prinses Alice

Friday, 14 October 2011

Recent onderzoek onder kinderen geeft een nieuw inzicht in het ontstaan van religie. Het blijkt dat kinderen minder snel geneigd zijn om vals te spelen als zij zich geobserveerd voelen door een onzichtbaar persoon. Dit komt overeen met de manier waarop religies hun gelovigen in het gareel proberen te houden. Daar is het ook de observatie door een onzichtbaar persoon, in dit geval hun God, dat hen ervan weerhoudt om onwenselijk gedrag te vertonen. Dit zogenaamde toeschouwereffect vergroot dus sociaal geaccepteerd gedrag en conformisme.

 

Twee groepen kinderen ( 5-6 en 8-9 jaar oud) werden gevraagd om mee te doen aan een spelletje waarbij het heel moeilijk was om te winnen maar gemakkelijk om vals te spelen. Een groep werd geobserveerd door een zichtbaar aanwezige persoon, een groep door een onzichtbaar persoon (prinses Alice) en een groep werd niet geobserveerd. Alle kinderen werden echter stiekem gefilmd. De oudere kinderen begrepen de regels van het spel iets sneller dan de jongere maar een gelijk deel van beide leeftijden speelde vals. Kinderen die geobserveerd werden door de fictieve Alice speelden veel minder vaak vals dan degene die niet geobserveerd werden. Het bleek ook dat kinderen die sceptisch waren over deze onzichtbare prinses toch eerst met hun hand over de stoel waar Alice op zou zitten voelden om te controleren of ze misschien toch niet echt was. Het blijkt dat de controle over het gedrag van de kinderen door een onzichtbaar en fictief persoon bijna even groot was als de controle door een bestaand persoon. Het toeschouwereffect zorgde er bij de kinderen voor dat zij zich over hun gedrag en hun reputatie zorgen maakten. Hoewel ze graag wilden winnen waren ze niet bereid om betrapt te worden op vals spelen zelfs niet als dat zou gebeuren door een onzichtbaar persoon.

 

Religies gebruiken al eeuwen lang dit toeschouwereffect om hun gelovigen in het gareel te houden. Dit mechanisme tot sociaal conformisme heeft natuurlijk zijn nadelen. Op het moment dat het sociaal acceptabel is om anderen te vervolgen, martelen of doden zal vrijwel niemand daar zijn twijfels bij zetten. Zeker niet als er een onzichtbare “prinses Alice” over je schouders meekijkt.

Vies zaad

Wednesday, 12 October 2011

Aleochara curtulaHet is bekend dat het eetpatroon van een man de geur van zijn zaad beïnvloedt. Een dieet met veel alcohol en vlees evenals regelmatig roken resulteert in een sterker en viezer ruikend sperma. Nu geldt geur bij veel diersoorten als afrodisiacum en er zijn duidelijke aanwijzingen dat ook mensen in hun seksuele activiteiten en keuzes sterk door geur worden beïnvloed. Muskusachtige geurstoffen zijn nog steeds het meest gebruikte bestanddeel van parfums en de geur van (vers) zweet wordt (meestal) als opwindend ervaren. Maar als een lekkere geur als aantrekkelijk wordt ervaren waarom “stinkt” veel sperma dan? Je zou natuurlijk kunnen stellen dat de geur van sperma niets met een afrodisiacum te maken heeft aangezien het hier een geur betreft die ná de seksuele handeling en niet ervoor wordt verspreid. Het wel of niet geuren van zaad kan dan dus hoogstens gevolgen hebben voor wat er na de zaadlozing gebeurt.

 

Bij sommige roofkevers zoals de Aleochara curtula is er een reden waarom hun sperma stinkt. De Aleochara curtula kevers bevruchten wijfjes met een spermafoor waaraan een speciale chemische stof is toegevoegd. Deze stof werkt als een anti-afrodisiacum en dient om andere mannetjes af te schrikken. Een bevrucht vrouwtje stinkt naar sperma en de andere potentiële partners zien van verdere avances af. Het mannetje dat het vrouwtje als eerste heeft bevrucht is dus vrijwel verzekerd van nageslacht en het bevruchte vrouwtje wordt niet langer door andere mannetjes lastig gevallen.

Ongelikte beer

Tuesday, 11 October 2011

Het is een oudere uitdrukking en je hoort hem niet zo vaak meer maar toch komt hij voor in meerdere talen. Iemand zonder manieren noemt men soms een ongelikte beer. In het Duits zeggen ze ein ungeleckter Bär in het Engels one unlicked cub en in het Frans un ours mal léché.

 

In de dertiende eeuw schreef Jacob van Maerlant al het volgende over beren: “Die moeder scept die jonghe lickende met hare tonghe.” Dit gaat terug op een oud volksgeloof dat al voorkwam bij de Romeinen. Beertjes zouden te vroeg worden geboren en alleen maar hun fatsoen kunnen krijgen als de moeder hen doorlopend in vorm heeft gelikt. Een beertje dat niet voldoende wordt gelikt ontwikkeld zich tot een ruw en ontembaar beest, een ongelikte beer.

Twijfels in het donker

Sunday, 9 October 2011

Je weet het wel, als het donker is. Overdag heb je er meestal niet zo’n last van, maar ’s nachts als je in bed ligt en er niets is om je af te leiden, soms denk ik wel eens dat het juist daarom donker wordt, dan kruipen je gedachten waar je niet wilt. Als een tong die het gaatje in een kies zoekt gaan ze op zoek naar twijfels en angsten. De wereld houdt ze overdag op afstand maar heeft ’s nachts geen macht, hoe zou dat zijn voor een blinde?

 

Gisteren liep ik onbewust te piekeren, over iets waar ik niet graag aan denk, maar waar mijn twijfels me nog steeds aan willen herinneren. Ongemerkt waren ze tussen mijn gedachten geslopen. De wereld kromp en nam de tijd met zich mee. Tot ze terugsloeg, met een timing die ze normaal zelden laat zien brak de zon tussen de wolken door. Twijfels en angsten hielden een respectvolle afstand.

 

Gefixeerd bleef ik kijken, tot ik werd losgelaten en mijn twijfels waren uitgebleekt. Echt weg zijn ze nooit, meestal zijn ze niet meer dan een veeg op mijn netvlies. Als een beeld dat is ingebrand omdat je er te lang naar hebt gekeken en dat je alleen kunt zien als je knippert. Als je je ogen sluit.

De mierenleeuw (Euroleon nostras)

Wednesday, 5 October 2011

mierenleeuwlarve (euroleon nostras) 6051_680uitgeslopen mierenleeuw cocon 5785

 

 

 

 

 

 

 

De mierenleeuw dankt zijn naam aan zijn larvestadium. De larve zoekt een zandig beschut plekje onder een boom of een overhangende steen en graaft zichzelf in door spiraalsgewijs achteruit te lopen. Hij verstopt zich onderin dit trechtervormige valkuiltje en wacht tot er een nietsvermoedende mier in het kuiltje valt. Deze grijpt hij met zijn enorme kaken en zuigt hij leeg. Het lukt de mierenleeuw om allebei zijn kaken met verschillende snelheid en grote precisie te sluiten. Ongeacht vanuit welke hoek de mierenleeuw zijn prooi grijpt sluiten zijn kaken zich altijd tegelijkertijd om zijn prooi, zodat hij niet met zijn ene kaak de prooi zou wegstoten voor de andere kaak zich ook heeft gesloten. Het leeggezogen lijkje slingert hij daarna met een zwaai van die kaken ver uit zijn valkuil. Als de larve zich zo’n twee of drie jaar heeft volgevreten, verpopt hij zich in een kleine cocon van samengesponnen zand. In al die jaren heeft de mierenleeuw niet één keer gepoept.

 

mierenleeuw (euroleon nostras) 6560_680De volwassen mierenleeuw lijkt wel wat op een waterjuffer maar hij heeft duidelijke voelsprieten en sluit zijn vleugels in rust als een afdakje over zijn rug. De reden dat een mierenleeuw zo lang zijn poep kon ophouden ligt in het feit dat de larve geen anus had. Al zijn voedsel sloeg hij op in zijn lichaam en zijn darmen. Als hij zich na drie lange jaren van volproppen eindelijk kan verpoppen denkt de net uitgekomen volwassen mierenleeuw dan ook maar aan één ding.

Aiphone

Wednesday, 5 October 2011

aiphoneVoor de iPhone was er de Aiphone, ivoorkleurig, met ingebouwde speakers en zijn tijd ver voor uit. Het is overduidelijk dat Apple de naam en kleurstelling van dit magnifieke Belgische telefoonmerk heeft gestolen.

Bovenmenselijke inspanning

Tuesday, 4 October 2011

slak1 9-2011 4513slak2 9-2011 4514slak3 9-2011 4515slak3 9-2011 4517

Meer met minder

Tuesday, 4 October 2011

diogenes van sinopeDe tendens van onze tijd is “meer met minder”. We zijn er allemaal van doordrongen dat we meer moeten gaan doen met minder middelen. Want het gaat niet goed, onze welvaart neemt af. Nou ja, dat is natuurlijk niet helemaal waar, onze welvaart groeit alleen wat minder langzaam. Want als ik goed om me heel kijk zijn we nog steeds behoorlijk wel-varend. We schieten misschien niet meer als een speer door het water, maar van zinken is nog lang geen sprake. Misschien moeten we met zijn allen gewoon eens even een beetje dobberen. Hebben we gelijk de tijd om eens goed om ons heen te kijken en in plaats van over onze economie een keer over onszelf na te denken. Want laten we eerlijk zijn, we willen meer (al of niet met minder) maar weten niet eens goed wat nou meer is en hoeveel meer we eigenlijk nodig hebben.

 

Maar goed, ik wijk af. Meer met minder, meer omzet, meer werk en meer welvaart met minder mensen, minder kosten en in minder tijd. Een tandje hoger zoals de bedrijfseconomen graag zeggen, dol als zij zijn op sportanalogieën. Iedereen moet er even wat harder aan trekken, wat dieper gaan, wat harder lopen. Als we er met ons allen de schouders onder zetten krijgen we die economie wel weer op gang. Er is echter één klein probleem en dat is kwaliteit, kwali-tijd. Sommige dingen kun je niet meer maken door er minder voor te gebruiken. Sommige dingen worden alleen maar beter door er in te investeren. Door er juist meer tijd en meer mensen voor te nemen. Dus eigenlijk beter door meer. Ik wil de ouder nog horen die werkelijk denkt zijn kinderen beter te kunnen opvoeden door er minder tijd voor te nemen of de trainer die denkt zijn team beter op een wedstrijd voor te bereiden door minder te gaan trainen (sportanalogie).

 

In al onze angst (lekker aangewakkerd door de media en de politiek) vergeten we dat we misschien wel blij mogen zijn met wat we al hebben bereikt. Dat nu de tijd is aangebroken om te gaan evalueren. Hoeveel welvaart kunnen we aan? Hoeveel economie hebben we nodig? Misschien is de enige juiste manier wel die van meer geluk met minder welvaart. Meer duurzaamheid met minder producten, meer productiviteit met minder overwerkte mensen, meer tijd met minder schade.

Tijdreizigers

Wednesday, 28 September 2011

Het gebeurt regelmatig dat iemand die droomt de geluiden die hij tijdens zijn slaap hoort in zijn droom verwerkt. De droomslaap wordt onderverdeeld in de fasische REM-slaap en de tonische REM-slaap. Tijdens de tonische REM-slaap zijn dromen minder intens en wordt men van geluiden van buitenaf wakker. Tijdens de vaak veel korter durende fasische REM-slaap wordt men niet wakker van een geluid van buitenaf maar verwerkt men dit geluid in de gebeurtenissen van de droom. Tijdens de fasische REM-slaap ervaart men de heftigste emoties en de helderste beelden, de hersenactiviteit is tijdens deze REM-slaap dan ook het grootst. Hoewel de gehele cortex (het buitenste deel van de hersenen) dan actief is geldt dat vreemd genoeg niet voor de dorsolaterale prefrontale cortex, het gebied net achter ons voorhoofd. Dit gebied beheert ons korte termijn geheugen. Het zorgt ervoor dat we handelingen in de juiste volgorde kunnen plaatsen en dat we onze gedachten kunnen coördineren.

 

Het vreemde van de fasische REM-slaap is niet alleen dat wij geluiden van buitenaf in onze droom kunnen verwerken maar vooral ook dat wij dat in een blijkbaar logisch en chronologisch verband kunnen. Als je een dromer, net na het laten horen van een hard geluid, wakker maakt, herinnert de dromer zich een duidelijke volgorde van gebeurtenissen waarin dat geluid zijn logische plaats heeft. Maar aangezien wij al dromend niet weten wanneer en welk geluid we te horen krijgen, zouden we ook geen aanleiding voor dit geluid moeten kunnen dromen. Toch zijn we al dromend in staat om geluiden op een logische en chronologische manier in onze droom te verwerken. Dit zou betekenen dat we de reactie nog voor de actie kunnen waarnemen en we dus feitelijk achterwaarts door de tijd reizen. Het zou ook kunnen dat we tijdens deze droom de reactie automatisch van een actie voorzien en de gebeurtenissen daarna weer omdraaien. Onze minder actieve dorsolaterale prefrontale cortex zou er dan voor kunnen zorgen dat we deze omkering van het tijdsverloop niet als dusdanig ervaren.

 

Het feit blijft echter dat we tijdens deze REM-slaap in staat zijn om de “gewone” volgorde van actie en reactie om te keren en we dus feitelijk het natuurlijke tijdsverloop wijzigen. We zien een gebeurtenis voordat deze heeft plaatsgevonden en bewegen dus tijdens onze droom terug in de tijd. Tijdens onze slaap zijn wij allemaal tijdreizigers.

 

Lees ook: Nachtmerrie

Portmanteaumorfeem

Monday, 26 September 2011

Een morfeem is een deel van een woord dat niet in kleinere woorddelen met een eigen betekenis kan worden opgesplitst. Een portmanteau is een combinatie van woorden waarmee in één woord iets gezegd kan worden waar men normaal meerdere woorden voor nodig zou hebben. Zo is het woord “blog” een portmanteau van “web” en “log”. Een portmanteaumorfeem is dus ook niet in meerdere losse betekenisvolle delen op te splitsen maar geeft wel in één woord een betekenis weer waar men normaal gesproken meerdere woorden voor nodig zou hebben. Deze portmanteaumorfemen komen vooral in de polysynthetische talen voor. Zoals in het Inuktitut, de belangrijkste Eskimotaal van Groenland.

 

In deze polysynthetische taal kan men met één werkwoordsvorm iets zeggen waar wij in het Nederlands zelfs een hele zin voor nodig zouden hebben. 'Tusaatsiarunnanngittualuujunga' is zo’n werkwoordsvorm. 'Tusaa' (horen) krijgt hier vijf uitgangen, die achtereenvolgens ‘goed’, ‘kunnen’, ‘niet’, ‘heel erg’ en ‘ik’ betekenen. 'Tusaatsiarunnanngittualuujunga' betekent dus ‘ik kan het niet erg goed horen’. In deze samengestelde werkwoorden kunnen zelfs zelfstandige naamwoorden worden opgenomen. Het woord ‘Mivviliarumalauqturuuq’ (‘hij zei dat hij naar de landingsbaan wilde gaan’), is dus evenveel een werkwoordsvorm als een hele zin.