hippo specola 8-2017 1454Volgens de verhalen, en de uitleg van het Natuurhistorische Museum La Specola in Florance, heeft Cosimo III de Medici (1642-1723) tegen het einde van de 17e eeuw een levend nijlpaard cadeau gekregen. Hij had een eigen menagerie en dit nijlpaard zou in de belendende Boboli tuinen van het Pitti paleis hebben geleefd, waarbij het in de fontein voor het paleis zou hebben gebadderd en gevoerd zou zijn. Na zijn dood zou zijn huid zijn opgezet en zijn toegevoegd aan het curiositeitenkabinet van Cosimo. Althans zo gaan de verhalen, ik heb daar echter mijn twijfels over.

 

hippo specola 8-2017 0709Tot ver in de 19e eeuw, was het nijlpaard het zeldzaamste dier in Europa, het was namelijk buitengewoon moeilijk om een levend kalfje te vangen én dit tijdens het lange transport in leven te houden. Een levend nijlpaard zou in de 17e eeuw dan ook een enorm opzien hebben gebaard, minimaal vergelijkbaar met het Olifantje Hansken. Toch zijn er geen schetsen of tekeningen van dit levende nijlpaard overgebleven en ook zijn er geen beschrijvingen, literair of wetenschappelijk, van dit nijlpaard bekend. Daarnaast is het overduidelijk dat degenen die dit nijlpaard hebben opgezet, het nooit in levende lijve hebben gezien. Ik acht de kans daarom groter dat Cosimo de losse huid van een nijlpaard cadeau heeft gekregen en dat men daarna naar eer en geweten heeft geprobeerd dit op  te zetten zodat Cosimo het kon toevoegen aan zijn collectie. Het romantische beeld dat dit nijlpaard voor het paleis in een fontein zou hebben geleefd, voegt wat romantiek toe aan het verhaal en maakt dat het meer gaat leven.

 

hippo specola 8-2017 1461Het inmiddels beroemde nijlpaard in La Specola (Ippopotamo di Boboli)  heeft een houten schedel en houten tanden, het was nog niet volwassen en draagt tekenen van een touw of ketting dat om de nek was gesnoerd. Het heeft dus hoogstwaarschijnlijk wel langere tijd in gevangenschap geleefd. Het is echter neergezet als een roofdier, met zijn grote bek open, klaar om een prooi te verzwelgen. Het feit dat men toen dacht dat nijlpaarden roofdieren waren wordt bevestigt door de beschrijving die Targione Tozetti, voor de opening van La Specola, van de inventaris van het curiositeitenkabinet maakte: “De reproductie is compleet, een gedroogde en opgevulde huid, welke het dier in zijn natuurlijke pose toont, met de bek open en de tanden in hun natuurlijke positie. Deze tanden zijn als oud ivoor en vergeeld, en lijken op die van een zwijn”. Vervolgens stelt hij dat het nijlpaard dus wel een carnivoor moet zijn: “het heeft grote hoeveelheden voedsel nodig en gezien de structuur van de tanden lijkt het me een carnivoor”. Het is dus niet geheel ondenkbaar dat de eminente Tozetti, ten tijde van zijn beschrijving, nog niet op de hoogte was van de juiste positie van het nijlpaard binnen het dierenrijk en tevens nog nooit een levend nijlpaard had gezien.

 

hippo specola 8-2017 1451hippo specola 8-2017 1456Iets wat, zoals gezegd, ook gold voor degenen die het nijlpaard hadden opgezet. Zij hebben de poten van het nijlpaard bij het prepareren zo gedraaid dat het als een zoolganger (plantigrade), wordt neergezet, dus met de hele voet vlak op de grond. De huidige beschrijving van het museum bij dit nijlpaard onderkent dat men destijds deze preparatie-fout heeft gemaakt. Helaas maakt het op de begeleidende tekst bij het nijlpaard een vergelijkbare fout door aan te geven dat nijlpaarden eigenlijk teengangers (digitigraden) zijn, en dus net als honden en katten op hun teenkootjes zouden lopen. Nijlpaarden zijn echter hoefgangers (unguligraden) en lopen net als olifanten en paarden op de toppen van hun tenen. Een nijlpaard heeft echter geen hoef, zoals een paard, maar loopt net als een olifant op een zacht kussen. Zo’n fout is makkelijk gemaakt.

 

Lees ook: Hansken de olifant.