boogie nightsIn deze film uit 1997 gebruikt Paul Thomas Anderson veel van de acteurs die hij later in Magnolia ook gebruikt. Boogie Nights gaat over Dirk Diggler, een gewone jongen met een ongewoon grote penis, die bijna vanzelfsprekend in de porno-industrie terecht komt. Met de minutenlange openingsscène laat Anderson zien dat hij als geen ander in staat is om zijn acteurs en een set aan te sturen. De camera introduceert, in één lange take, schijnbaar achteloos de verschillende hoofdpersonen uit de film, tot hij is aanbeland bij Dirk Diggler, fantastisch gespeeld door Mark Wahlberg. Pas dan wordt er geknipt.

 

De film volgt Diggler gedurende de bloeiperiode van de porno-industrie van California in de jaren 70 en 80. De verschillende personages die voorbij komen zijn tegelijkertijd van karton en levensecht. Sommige van de dialogen zijn zo realistisch dat de naïviteit en onvolwassenheid van de hoofdpersonen pijnlijk wordt blootgelegd. De zoektocht van Wahlberg door zijn wereld van seks, drugs en disco leidt hem naar onvermijdelijk hoogte- en dieptepunten. De seksscènes zijn weliswaar niet expliciet maar wel uiterst effectief, je hebt geen enkel moment het gevoel dat je naar een gecensureerde documentaire kijkt.

 

Burt Reynolds, een acteur waar ik normaal gesproken weinig mee op heb, speelt hier een sterke rol als filmregisseur Jack Horner. Terwijl we hem volgen van de overgang van film naar video blijkt hij tegelijkertijd de spil te zijn waar alle andere karakters omheen draaien. De muziek is buitengewoon effectief en weet regelmatig een nostalgische toon te raken bij anders zeer gewelddadige of pijnlijke scènes. De film zelf was geen kassakraker, Anderson is te geobsedeerd door kwaliteit om dat te laten gebeuren. Toch is het een absolute aanrader voor iedereen die kwaliteitsfilms een warm hart toedraagt.